Ik zocht jou in de sterren
Ik zocht jou in de sterren
Toen ik hen als kind ondervroeg.
Ik heb jou aan de bergen gevraagd,
Maar ze gaven mij slechts af en toe
Eenzaamheid en rust van korte duur.
Omdat jij er niet was, in de lange avonden
Bedacht ik de dwaze lastering
Dat de wereld een vergissing van God was,
Ik een vergissing van de wereld.
En toen ik, in het aangezicht van de dood,
Neen heb geschreeuwd uit al mijn vezels,
Dat ik nog niet klaar was,
Dat ik nog te veel moest doen,
Was dat omdat jij me voor ogen stond,
Jij met mij naast je, zoals vandaag gebeurt,
Een man een vrouw onder de zon.
Ik ben teruggekomen omdat jij er was.
Primo Levi