Stabat Mater dolorosa
Stabat Mater dolorosa, kortweg ‘Stabat Mater’ is één van de grootste Latijnse hymnen uit de liturgische kerkschat. Stabat Mater dolorosa is Latijn voor ‘De moeder stond door smart bevangen’, de beginwoorden van de hymne.
|
Hand Baldung Grien - Mater Dolorosa, ca. 1516 (Nationaal Museum Budapest) |
Het verhaalt de smart van Maria om haar gekruisigde zoon. De tekst is gebaseerd op de profetie van Simeon dat een zwaard het hart van Jezus’ moeder Maria moest doordringen (Lc. 2, 34-35):
“Simeon zegende hen en zei tegen zijn moeder Maria: ‘Deze jongen zal velen in Israël ten val brengen of laten opstaan. Hij zal een omstreden teken zijn - ook door uw ziel zal een zwaard gaan - en zo zal onthuld worden wat er in veler harten omgaat.’”
Een ander ankerpunt in het gedicht is de evangelietekst uit Johannes 19,25:
“Intussen stonden bij het kruis van Jezus zijn moeder, de zuster van zijn moeder, Maria de vrouw van Klopas, en Maria van Magdala”. |
De schrijver is onbekend. De hymne wordt toegeschreven aan een aantal figuren, waaronder paus Innocentius II, Bernardus van Clairvaux, de H. Bonaventura, paus Gregorius en Jacopone da Todi (1230-1306). Deze laatste, een Italiaanse Franciscaan, wordt door de meesten wel als de echte auteur beschouwd. In 1727 werd de hymne voorgeschreven als sequentia bij de liturgische gedachtenis van de Moeder van Smarten (op 15 september) en maakt sinds die tijd deel uit van het brevier van de RK Kerk.
De Stabat Mater dolorosa wordt vaak geassocieerd met de Kruisweg. In een statiedienst kan de hymne bij uitstek worden gezongen om het lijden en de kruisiging van Christus te gedenken.
Naast de Stabat Mater dolorosa is er de Stabat Mater speciosa. Deze hymne weerspiegelt niet de smart bij de kruisigingsscene, maar juist de vreugde van de H. Maagd Maria bij de geboorte van Jezus.
De Stabat Mater werd bekend als een geliefd en krachtig gedicht dat vele componisten aansprak. Zeer bekend is de Stabat Mater van Giovanni Battista Pergolesi en Giovanni Pierluigi da Palestrina. Maar ook Franz Schubert, Antonio Vivaldi, Gioacchino Rossini, Orlando di Lasso, J.S. Bach, Allessandro Scarlatti en Joseph Haydn zijn componisten die zich getrokken voelden tot de tekst.
In de liturgie van de katholieke kerk wordt de compositie van Dom Fonteinnes van de abdij van Solesmes uit 1850 gebruikt.