16-4-2007 / Premier betwijfelt conclusie KRO-rapport God in Nederland |
HILVERSUM - Van een terugkeer van religie, en zeker van een terugkeer naar religie, is in Nederland beslist geen sprake, zo blijkt uit het zaterdag gepresenteerde rapport ”God in Nederland 1996-2006”. Minister-president Balkenende heeft zijn twijfels bij die conclusie. „Mijn gevoel zegt toch iets anders.”
In een van de studio’s van het RKK tv-programma Kruispunt in Hilversum gaven prominenten uit kerk en samenleving zaterdagmiddag een reactie op de uitkomsten van het vierde onderzoek naar ”God in Nederland”. Deze laten onder meer zien dat niet alleen de kerkelijkheid de afgelopen tien jaar (verder) is afgenomen, maar de „gelovigheid” eveneens.
Premier Balkenende, wiens -eerder opgenomen- reactie via het scherm te volgen is, geeft aan dat zijn gevoel toch iets anders zegt. „Wat is de temperatuur en wat is de gevoelstemperatuur?” En dan geven de cijfers in het rapport ”God in Nederland 1996-2006” de temperatuur aan, aldus de minister-president, „maar mijn gevoel zelf is iets anders. Om mij heen zie ik bijvoorbeeld jongeren die willen uitkomen voor hun geloof. Ik denk ook aan de Wereldjongerendagen in Keulen, aan wat ik tijdens mijn bezoeken aan Rome zag, aan de EO-jongerendag, aan het Flevofestival. Natuurlijk zie ik de cijfers, maar ik zie ook zo veel andere signalen.”
Dr. B. Plaisier, scriba van de Protestantse Kerk in Nederland, is samen met Doekle Terpstra (voorzitter van de HBO-raad) een van de twee protestanten achter de tafel in de studio. „Het rapport geeft geen ander beeld te zien dan we al wisten”, zegt hij. „En het blijft altijd heel verdrietig om te zien dat daar tot op heden niet duidelijk een verandering in komt, ondanks alle inspanningen van de kerk.”
Anderzijds, zegt hij, „valt het me op dat mensen wel bewuster gaan geloven. En dan heb ik zoiets van: al 40 procent van de Nederlanders blijkt zeer geïnteresseerd te zijn in dat geloof.”
Oud-minister Agnes van Ardenne, zelf rooms-katholiek, roept de kerken op een voorbeeld te nemen aan de manier waarop migrantenchristenen invulling geven aan hun geloof. „Wijzen zij ons de weg?” wil presentator Leo Fijen weten. Ze beaamt het. „Ik vind ook dat er in het rapport te weinig aandacht aan hen wordt geschonken.”
Volgens Van Ardenne zouden de Nederlandse kerken ook veel meer gezamenlijk kunnen doen. Dr. Plaisier is het met haar eens. „Dat gebeurt veel te weinig, juist als je bedenkt dat christelijk Nederland een kleine minderheid is geworden. Het gaat ook niet om de kerk; het gaat om het Evangelie, om de relatie met God, door Jezus Christus, en de Heilige Geest. Het gaat om de liefde tot Christus, en de liefde voor elkaar.”
„Dit staat echt ver van mijn bed”, zegt Inez van Oord, hoofdredactrice van het spirituele blad Happinez, dat volgens haar inmiddels 150.000 abonnees telt. Mensen snakken naar wijsheid, stelt ze vast, en die is in zo veel tradities te vinden.
„Terwijl de kerken mensen toch eigenlijk één waarheid willen meegeven, opleggen”, merkt presentator Fijen op. Van Oord: „Ja, maar je wilt niet dat dingen van bovenaf worden verteld. We willen vanuit onszelf contact leggen met iemand boven ons.” Als de kerken wat willen doen voor de mens van nu, zegt de Happinezhoofdredactrice, dan zullen ze opener moeten worden, dan zullen ze spirituele centra moeten worden.
Prof. dr. Wim van de Donk, voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, constateert dat alleen al de rooms-katholieke traditie zo divers is, dat er indertijd wel vijftig verschillende monastieke ordes waren.
Jawel, werpt bisschop De Korte hem tegen, „maar laten we hierbij niet vergeten dat al die religieuze orden de Persoon van Jezus Christus als centrum hadden. En daar gaat het nog steeds om. Paulus op de Areopagus wees bij het altaar van de onbekende God uitsluitend op Jezus Christus. De waarheid voor christenen blijft de Persoon van Jezus Christus. Zij leven vanuit de verborgen omgang met Hem, en dat heeft gevolgen voor de praktijk.”
Dat de meeste Nederlanders niet kerkelijk (meer) zijn, wil niet zeggen dat de doorsnee burger anno 2007 niet gevoelig is voor religie, zo blijkt uit het rapport. Zo steekt 51 procent van de bevolking wel eens een kaarsje aan voor iets of iemand.
Doet Balkenende dat ook wel eens? Nee, zegt hij vanaf het scherm, „ik steek geen kaarsje aan, dat hoort niet bij mijn traditie.”
Bron: Reformatorisch Dagblad