Navigatie: Home > RK Kerk > RK Kerkorganisatie > Christus

Het leven van Jezus

 
Niet-katholieke auteurs uit het begin van het christendom geven summiere informatie over de groeiende gemeenschap van christenen en het leven van Jezus. De beroemde joodse historicus Flavius Josephus is zo'n auteur. In het boek 'Joodse Oudheden', geschreven in de jaren 90 na Christus, noemt hij Jezus en beschrijft hij de moord op Jakobus. In andere geschriften beschrijft Josephus Jezus als belangrijke leraar, die wonderen deed en de kruisdood stierf na beschuldigingen van joodse leiders. Ook Tacitus beschrijft Jezus en de eerste christenen.
Het zijn echter voornamelijk de christelijke schrijvers, waardoor we veel meer over Jezus weten. In de periode 50-60 schrijft Paulus in zijn brieven over de verkondiging van Jezus. De eerste drie evangeliën (synoptici) geven de belangrijkste informatie over het leven van Jezus. De verhalen van Mattheus, Marcus en Lucas zijn in zeker opzicht vergelijkbaar met elkaar (ze worden daarom wel eens in een kolommenoverzicht gedrukt, een synopsis). Marcus schrijft zijn evangelie rond 70, Mattheus en Lucas iets later, rond 80-90 na Chr. Het vierde evangelie, dat van Johannes, wordt in het decennium daarna geschreven.
Naast de evangelieverhalen zijn de andere geschriften van het Nieuwe Testament beschikbaar voor de verkondiging. De Handelingen van de Apostelen is het vervolg op Lucas en beschrijft hoe na de kruisdood, verrijzenis en hemelvaart van Christus het evangelie wordt verkondigt.

Onderstaande tekst geeft kort weer hoe Jezus' leven verliep en welke gebeurtenissen er waren. Het is als korte inleiding bedoeld en niet als diepgaande studie. Hierdoor is het goed wel mogelijk dat er onderdelen ontbreken: er is ook zo veel over Hem te vertellen.

Geboorte van Jezus
Hetevangelie volgens Lucas vertelt over de aankondiging van de geboorte van Jezus (Lc. 1,26-38): "In de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, met de naam Nazareth, naar een maagd die verloofd was met een man genaamd Jozef, die uit het huis van David stamde; haar naam was Maria. De engel trad bij haar binnen en zei: `Verheug u, begenadigde, de Heer is met u.' Zij raakte geheel in verwarring door wat Hij zei en vroeg zich af wat deze begroeting te betekenen had. Maar de engel zei: `Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.'

Het moet ongeveer 3 voor Christus zijn, dat Jezus wordt geboren. Het is de tijd dat keizer Augustus het decreet uitvaardigt dat er een volkstelling moet worden gehouden. Iedereen moest daarvoor naar de eigen stad, om zich te laten inschrijven. Voor Jozef als nakomeling van koning David is dat Bethlehem. Samen gaan ze op weg, Jozef en Maria, zijn verloofde die zwanger was. Lucas vervolgt: "Terwijl ze daar waren kwam voor haar de tijd dat ze moest bevallen, en ze baarde een zoon, haar eerstgeborene; ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voerbak, omdat er geen plaats voor hen was in het gastenverblijf." (Lc. 2, 6-8). In de buurt zijn herders aanwezig, die door een engel over het kindje wordt verteld. Ze haastten zich naar Bethlehem. Een week later, als het kindje moet worden besneden volgens de joodse riten, krijgt Hij de naam die voorzegd was door de engel: Jezus.
 

Het is de tijd van koning Herodes. Drie wijzen uit het oosten bezoeken het kind. De wijzen waren door Herodes gestuurd, die wilde weten waar de koning der Joden was geboren. Nadat de wijzen zijn vertrokken, krijgt Jozef in een droom een waarschuwing van een engel. Het gezin vlucht naar Egypte om de toorn van Herodes te vermijden. Na de dood van hem, gaan Jozef, Maria en het kindje Jezus terug naar Nazareth. Na enige tijd laat Jezus zich dopen door Johannes de Doper. Tijdens de doop komt er een stem uit de hemel: "Dit is mijn geliefde Zoon, in wie ik vreugde vind (Mt. 3,17).
 
Jezus' verborgen leven
Over Jezus' jeugdjaren is weinig bekend. Op zijn twaalfde gaat Jezus met zijn ouders naar Jeruzalem voor het joodse paasfeest. Op de terugweg raken zijn ouders hem kwijt, maar ze vinden hem in de tempel drie dagen later terug. Ze vinden hem in gesprek met de rabbi's. Op de vraag van zijn moeder, waarom hoe dit zijn ouders kon aandoen, antwoordt Jezus: "Waarom hebben jullie mij gezocht? Wisten jullie niet dat ik bij mijn Vader moest zijn?".

Publiek leven
Pas rond zijn 30ste komt Hij weer in beeld. Zijn openbare leven begint. Hij verblijft veertig dagen in de woestijn in Judea, en wordt er driemaal door de duivel op de proef gesteld. Jezus reist naar Kafarnaum in Galilea. Hij ontmoet er de vissers Andreas en Simon Petrus, die Hem volgen. Ook sluiten Jakobus en Johannes zich aan. Jezus bezoekt met zijn leerlingen een bruiloft in Kana. Maria is er ook bij en vraagt Jezus naar wijn. Jezus verandert vervolgens water in wijn. Jezus geeft onderricht in de synagogen van de streek. Hij wordt ondervraagd door geleerden en verjaagt er de marklui uit de tempel. Bij Sichar in de streek Samaria ontmoet Jezus de Samaritaanse vrouw bij de put van Jacob. Hij verblijft er twee dagen. In Kafarnaum doet Jezus verschillende genezingen, waaronder de schoonmoeder van Simon met hoge koortsen. Hij geneest op de sabbat, tot ontsteltenis van anderen. Ook geneest Hij zieken, blinden (zoals in Jericho), bezetenen, lammen en slaven. Hij reinigt melaatsen onder het volk. Hij schuift aan tafel met tollenaars en zondaars.

En bovenal: Hij vergeeft de zonden van de mensen. Jezus doet meer wonderen: Hij bedaart een storm op het meer van Galilea, geeft duizenden mensen te eten (nabij Betsaïda). Hij wekt mensen op uit de dood. Dit gebeurt o.a. met de zoon van een weduwe in Naïn, het dochtertje van Jaïrus en Lazarus.
 
In Jezus' onderricht aan de twaalf en aan de immer groeiende of aanwezige menigt spreekt Hij in vergelijkingen. Hij probeert in de taal van de mensen duidelijk maken wie de Mensenzoon is. Bekend zijn onder andere de gelijkenissen van het mosterdzaadje, de barmhartige Samaritaan, een vader met twee zoons of van een onrechtvaardige rentmeester. Hij leert de apostelen te bidden en geeft ons het Onze Vader.
 
Jezus' lijdensweg tot het einde
Tot driemaal toe voorzegt Hij zijn lijdensweg aan zijn leerlingen. Zijn leven ontvouwt zich, en schriftgeleerden en Farizeeërs keren zich tegen Jezus. Ze beramen een complet tegen Hem. Twee dagen voor Pasen ontmoet Judas Iskariot, een van Jezus' leerlingen, de hogepriesters. Voor dertig zilverlingen is hij bereid Jezus uit te leveren.
 

Media

 
In 2004 komt de film The Passion of The Christ uit van Mel Gibson. De film doet veel stof opwaaien over de wijze waarop de regisseur Jezus' lijdensweg in beeld brengt.
 
(Knevel op zaterdag, 27-03-2004)
 
In de avond zijn de twaalf samen.
"Tijdens de maaltijd zei Hij: "Ik verzeker jullie, één van jullie zal Mij overleveren."
Buitengewoon bedroefd als ze waren, begonnen ze Hem één voor één te vragen: "Ik ben het toch niet, Heer?"
Hij gaf hun ten antwoord: "Wie met Mij zijn hand in de schaal doopt, die zal Mij overleveren.
De Mensenzoon gaat wel heen zoals over Hem geschreven staat, maar wee die mens door wie de Mensenzoon overgeleverd wordt. Het zou beter zijn voor die mens, als hij niet geboren was." Judas, die Hem wilde overleveren, reageerde: "Ik ben het toch niet, rabbi?" Hij zei tegen hem: "Jij hebt het gezegd."

Tijdens de maaltijd nam Jezus een brood, sprak de zegenbede uit, brak het, gaf het aan zijn leerlingen en zei: "Neem en eet, dit is mijn lichaam." Ook nam Hij een beker, sprak het dankgebed uit en gaf hun die met de woorden: "Drink er allen uit, want dit is mijn bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden. Ik zeg jullie: vanaf nu zal Ik niet meer drinken van deze vrucht van de wijnstok, tot de dag waarop Ik met jullie de nieuwe oogst zal drinken in het koninkrijk van mijn Vader." (Mt. 26,21-29).

Na deze gebeurtenis, die bekend staat als het Laatste Avondmaal, trekt Jezus zich terug in Getsemane om te bidden tot God. Hij vraagt Petrus, Jakobus en Johannes bij hem te blijven waken in de nacht. Jezus bidt:
 
"Mijn Vader, als het mogelijk is, laat deze beker dan aan Mij voorbijgaan. Maar niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt."
 
Iets later komt Judas met een menigte toelopen. Hij begroet Jezus met een kus; het teken van het verraad. Ze nemen Jezus mee en de leerlingen vluchten weg.

Ze nemen Jezus mee naar Kajafas, de hogepriester van het Sanhedrin. Men zocht er valse getuigenissen om Jezus te kunnen veroordelen. Jezus zwijgt bij iedere opmerking of vraag. Hem wordt vooral verweten zich voor te doen als Zoon van God, de Messias. De volgende morgen besluiten de oudsten en hogepriesters Jezus ter dood te veroordelen. Ze leveren Hem uit aan Pilatus, de Romeinse gouverneur in Jeruzalem. Ondertussen heeft Judas spijt gekregen van het verraad, gooit het geld de tempel in en verhang zichzelf. Pilatus houdt Jezus de beschuldigingen voor. Wederom zwijgt Jezus. Vanwege het aankomende Paasfeest was het de gewoonte één gevangene vrij te laten. Pilatus besluit het volk te laten kiezen: Jezus, de Koning der Joden of de moordenaar Barabbas. Het wordt Barabbas.
 
Daarna vraagt Pilatus wat hij met Jezus moet doen. De aangespoorde menigte roept om kruisiging van Jezus. "Toen Pilatus zag dat het niets hielp, maar dat de onrust steeds groter werd, nam hij water en waste zijn handen voor de ogen van het volk. Hij zei: `Ik ben onschuldig aan dit bloed. U moet zelf maar zien." (Mt.27,24). Barabbas wordt vrijgelaten en Jezus gegeselt. Soldaten nemen Hem mee, ontkleden Hem en doen Hem een rode mantel om. Men vlecht en een doornenkroon en zetten deze op het hoofd van Jezus.
 
Vervolgens leidden ze Jezus weg om Hem te kruisigen. Onderweg dwingen ze een man, Simon van Cyrene, om het kruis te dragen. Jezus wordt geleid naar Golgotha (Schedelplaats). Daar wordt Jezus gekruisigd, gelijk met twee anderen. Jezus wordt bespot door voorbijgangers. "Kom dan van dat kruis af, als je de Zoon van God bent", snauwen ze Hem toe.
 
Overlijden

"Vanaf het zesde uur viel er duisternis over het hele land, tot aan het negende uur. Rond het negende uur riep Jezus met luide stem uit: `Eli, Eli, lema sabachtani?' Dat betekent: Mijn God, mijn God, waarom hebt U Mij in de steek gelaten? Sommigen die daar stonden, hoorden dat en zeiden: `Hij roept Elia.' Meteen rende een van hen weg om een spons te halen, doopte die in wijn, stak hem op een rietstok en wilde Hem te drinken geven.
Maar de anderen zeiden: `Niet doen! Laten we eens kijken of Elia Hem komt redden.' Maar Jezus schreeuwde opnieuw luidkeels en gaf de geest. " (Mt. 27,45-54).

Op een afstand stonden veel vrouwen te kijken, allen volgelingen van Jezus vanuit Galilea. Een rijke man, Jozef van Arimathea, ging naar Pilatus om het lichaam van Jezus te vragen. Het lichaam wordt vrijgegeven en Jozef wikkelt het in wit linnen. Hij legt het in een nieuw graf, dat is uitgehouwen in een rots. Voor de ingang van het graf wordt een grote rots gelegd. Door bewakers van Pilatus wordt de rotsingang verzegeld.
 
Verrijzenis van Jezus
 
Drie dagen later, aan het begin van de eerste dag van de week, gaan Maria van Magdala en de andere Maria naar het graf kijken. Ze zien een engel bij het graf. De engel zegt tegen de vrouwen, dat de gekruisigde Jezus er niet is. "Hij is niet hier: Hij is tot leven gewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kom, kijk naar de plaats waar Hij gelegen heeft. Ga snel tegen zijn leerlingen zeggen: "Hij is uit de doden opgewekt, en zie, Hij gaat voor u uit naar Galilea; daar zult u Hem zien." Dit had ik u te zeggen." (Mt. 28,6-7). De vrouwen gaan weg van het graf, met angst en met vreugde. Dan komt Jezus naar hen toe en groet de vrouwen.
 
Jezus is opgestaan, zoals Hij had voorzegd. De vrouwen vallen voor Hem neer op hun knieën. Op dezelfde dag waren twee van de volgelingen op weg naar het dorpje Emmaüs, druk pratend over de gebeurtenissen van de afgelopen dagen.

Tijdens het gesprek voegt Jezus zich bij hen, maar de twee herkennen Hem niet. Jezus vraagt wat hen bezighoudt, waarop ze vertellen over de vreselijke kruisiging en de wonderbaarlijke opstanding. In de avond blijven ze bij elkaar. Aan tafel nam Hij het brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het hun. De twee herkenden nu Jezus, maar meteen was Hij uit hun zicht verdwenen. De twee besluiten direct terug te gaan naar Jeruzalem om de twaalf apostelen hun verhaal te doen. Terwijl ze dit vertellen, staat Jezus ineens in hun midden. 'Vrede', zegt Hij. Zo verschijnt Jezus nog enige malen aan de apostelen, bijvoorbeeld aan Thomas, die er de eerste keer niet bij was. Van deze ontmoeting stamt de uitdrukking 'een ongelovige Thomas'.
 
 

"Toen bracht Hij hen buiten de stad tot bij Bethanië. Daar hief Hij zijn handen en zegende hen. Terwijl Hij hen zegende, ging Hij van hen heen en werd Hij in de hemel opgenomen. Zij vielen voor Hem op de knieën en keerden daarna in grote vreugde terug naar Jeruzalem. Zij bleven voortdurend in de tempel en prezen God." (Mt. 24,50-53).
 

Citaat

Wie te lang nadenkt voordat hij een stap zet, staat zijn leven lang op één been.
Chinees gezegde

Heilige van de dag

23-10-2007

Johannes van Capestrano

 

Zoeken

 

Nieuws

Nieuwe cursus geloof naast Alpha-cursus
Bijzondere Gemmatuin Sittard behouden
Stadswandeling naar klooster Mariadal
Pastoors mogen niet preken voor eenheid België
Nieuwe uitgave credo pastor Jan Schafraad
Pastoraat rond euthanasie roept pijnlijke vragen op
KRO herhaalt uitzending met Wolkers en Muskens
Allerheiligenmis met Koninklijke Roermondse Zang- en Muziekvereniging
Heiligverklaring Pater Damiaan stapje dichterbij
Paus publiceert tweede encycliek over hoop
Bredase familie geeft 'zouaaf' aan Zouavenmuseum
Oecumenische dialoog in het slop
Homo’s blijven kerk zelden trouw
Oktober is Maria-Rozen-kransmaand
Bijbel10daagse begint in Utrechtse Nicolaïkerk
Augustinus-auteur Paul van Geest: ’Weet dat je God niet in woorden kunt vatten’
Religieuzen niet altijd socialer dan anderen
Elleboogkerk met Armandomuseum in vlammen op
Eén pastoor voor drie parochies in Nederweert
Abortusartsen bezorgd over seksuele voorlichting

Meer nieuws >>
 
 
 

Pagina opties

A A A


© Isidorusweb 2001-2009 - Aanvullingen? Wijzigingen? Reageer op deze pagina - Disclaimer