Kerncijfers Nederland
Onderstaande gegevens zijn met toestemming overgenomen van de website van het KASKI.
Omdat de gegevens uiteraard wijzigen, is het voor een actueel beeld zeker verstandig hun website te bezoeken.
Kwantitatieve gegevens als deze leveren ook vragen op. In de inleiding in Memorandum 326 van het KASKI staat terecht: "Wat dat betreft kan een statisticus zich heel wel vinden in de ontboezeming van de evangelist Johannes, wanneer deze aan het eind van zijn evangelie schrijft:
‘Er is nog veel meer dat Jezus gedaan heeft, maar als men het allemaal in bijzonderheden zou gaan optekenen, zou wellicht zelfs de wereld te klein zijn voor de boeken die men dan zou moeten schrijven’ (Joh. 21,25). Maar dat weerhield Johannes er niet van om dan maar een beperkt aantal verhalen op te schrijven. En gelukkig maar! Evenzo zijn alle kerkelijke statistieken beperkt, maar in hun beperktheid niet zonder betekenis als indicator voor de vitaliteit van een aantal aspecten van het kerkelijk leven."
Met dat oog zouden ook deze cijfers kunnen worden bekeken. Ze zijn bovendien indicatief. Het geciteerde Memorandum 326 (of de opname van de gegevens in de Pius almanak) geven een gedetailleerder en genuanceerder beeld dan hier kan worden weergegeven.
Aantal katholieken
In 2006 leefden er 4.352.000 katholieken in Nederland. In het bisdom Den Bosch zijn dat er het meest (1,4 miljoen), in het bisdom Groningen (112.000) het minste.
Tot 1970 kende alle bisdommen een groei. In de bisdommen Haarlem en Rotterdam daalde het ledental sindsdien (met ca. 30%). In de bisdommen Groningen, Breda en Utrecht zette de daling later in. Het bisdom Den Bosch is stabiel gebleven, Roermond groeit nog steeds.
Lange tijd woonden er ongeveer evenveel katholieken in het "protestantse " noorden boven de rivieren als in het "katholieke" zuiden. Dit is de laatste jaren aan het kenteren, omdat in de bisdommen Haarlem en Rotterdam de ledenaantallen sterk afnemen. Het zuiden wordt relatief gezien dus "katholieker".
Het KASKI geeft aan, dat het karakter van de 'gemiddelde katholiek' (zo die bestaat) hierdoor zal veranderen: minder orthodox en minder kerk-betrokken.
Nederland vergrijst en de katholieke kerk vergrijst mee. Opvallend genoeg vergrijst zij sterker dan de landelijke trend. Gemiddeld zijn katholieken ouder dan de landelijke bevolking. Hoe anders was dat in de jaren 60.
|
Ontwikkeling van de r.-k. bevolkingsgroep vanaf 1980 inclusief de leeftijdsverdeling (per 31-12) |
|
|
% katholieken op de bevolking |
leeftijdsverdeling (in %) |
|
0-6 jaar |
7-64 jaar |
65 jaar e.o. |
totaal |
|
1980 |
39,5 |
7,7 |
82,2 |
10,1 |
100 |
|
1985 |
38,1 |
6,9 |
82,1 |
11,0 |
100 |
|
1990 |
37,0 |
6,6 |
80,9 |
12,5 |
100 |
|
1995 |
34,8 |
6,5 |
79,2 |
14,3 |
100 |
|
2000 |
31,7 |
5,8 |
77,4 |
16,8 |
100 |
|
2001 |
31,2 |
5,6 |
77,2 |
17,2 |
100 |
|
2002 |
31,0 |
5,4 |
77,0 |
17,6 |
100 |
|
2002 totaal absoluut |
270.344 |
3.860.308 |
883.148 |
5.013.800 |
|
1980-2002 |
- 162.169 |
- 756.908 |
+ 315.826 |
- 603.251 |
Aantal parochies
Officieel wordt gesproken van "zielzorgeenheden", maar dit begrip is iets ruimer dan "parochie". Voor het gemak gebruiken we de term parochie. Op 31 december 1960 waren er 1.649 parochies, die ieder een bestand hadden van gemiddeld 2.829 parochianen. In 1980 is dat 1.791 parochies met 3.142 parochianen en in 2000 1.600 parochies met gemiddeld 3.163 parochianen.
Op 31 december 2006 zijn er 1.425 parochies in Nederland, met in totaal 1.721 kerkgebouwen.
Aantal priesters, diakens en pastoraal werkers
Het totaal aantal seculiere priesters is in Nederland met 62% gedaald tussen 1965 en 2000.
Vanaf de jaren 70 zijn er ook pastoraal werkers en permanente diakens werkzaam. Vanaf de jaren tachtig neemt hun aantal toe. Het aantal diakenwijdingen vanaf 1991 varieert van 9 tot 22 wijdingen per jaar. Het aantal priesterwijdingen neemt de laatste jaren toe. Eind jaren 70 waren dat er zo'n 8 per jaar, eind jaren 90 bijna 25 per jaar. Na 1980 is het aantal toetredingen groter dan het aantal ambtsverlatingen.
|
Ontwikkeling in het aantal actieve priesters sinds 1980 |
|
jaar |
totaal aantal actieve priesters |
gem. jaarlijkse ontwikkeling |
waarvan seculier |
|
abs. |
in % |
|
1980 |
3.374 |
- |
1.891 |
56,0 |
|
1985 |
2.661 |
- 143 |
1.502 |
56,4 |
|
1990 |
2.138 |
- 105 |
1.193 |
55,8 |
|
1995 |
1.610 |
- 104 |
915 |
56,8 |
|
2000 |
1.242 |
- 74 |
780 |
62,8 |
|
2001 |
1.177 |
- 65 |
737 |
62,6 |
|
2002 |
1.112 |
- 65 |
699 |
62,9 |
Het aantal mannelijke en vrouwelijke pastoraal werkers groeit: van 143 in 1975 tot 783 in 2000.
Het percentage vrouwen daarvan is gestegen van 6% tot 41% (in 2000). Sinds kort (september 2005) wil het bisdom Roermond ook pastoraal werkers inzetten. Daarvoor werd daarvan op principiële gronden geen gebruik gemaakt.
Op 31 december 2006 zijn er 527 seculiere priesters, 214 reguliere priesters, 74 diakens en 355 pastoraal werkers in de kerkprovincie werkzaam.
Aantallen religieuzen
In het jaar 2000 leven er 886 mannelijke en vrouwelijke religieuzen in Nederland. Dertig jaar waren dat er nog ruim tweemaal zo veel. Er zijn veel meer vrouwen (75%) dan mannen (25%), die kiezen voor een gewijd leven in een orde of congregatie.
Op 31 december 2006 wonen in Nederland 6.464 zusters, 923 broeders en 1.602 priester-religieuzen.
Aantallen sacramentele handelingen en rituelen
|
jaar |
kinderdoop |
communies |
vormsels |
toetredingen |
huwelijken |
uitvaarten |
|
2003 |
37.065 |
40.435 |
29.385 |
805 |
7.700 |
38.130 |
|
2004 |
34.580 |
38.535 |
27.600 |
825 |
6.800 |
35.570 |
| 2005 |
33.000 |
37.905 |
27.175 |
735 |
*6.600 |
34.285 |
|
2006 |
30.705 |
37.665 |
26.105 |
690 |
6.455 |
33.435 |
* schatting
Datum pagina: 19-10-2005
|