|
Wie draagt wat?
Per ambt verschilt de kleding. Uiteraard is de kleding buiten een viering anders dan tijdens een viering.
Een priester draagt tijdens een viering een albe, met amikt, cingel, manipel, stola en een kazuifel. Een diaken kan in plaats van een kazuifel een dalmatiek dragen. Een bisschop bezit handschoenen, episcopale schoenen, zijn bisschopsring en kruis, een mijter, een bisschopsmantel en een kalot. Een kardinaal heeft bovendien de beschikking over een biretta.
Akolieten en andere bedieners dragen een koorhemd of superplie.
Onderaan deze pagina alle ambtsdragers in de kerk op een rij. Eerst volgt uitleg over de verschillende kledingstukken.
|