14-11-2007 / Neutraliteit bij abortus praktisch onmogelijk |
In de hitte van het in de jaren zeventig hoogoplopende abortusdebat kwam de toenmalige premier Den Uyl tot de conclusie onmogelijk te kunnen middelen tussen ’de vrouw beslist’ en ’de vrouw beslist niet’. Ook hij tilde zwaar aan de belangen van zowel het ongeboren leven als die van de vrouw. Maar als het erom gaat wie de knoop moet kunnen doorhakken, dan is dat vrouw, meende hij. Vanzelfsprekend onder enkele strikte randvoorwaarden, zoals het inachtnemen van een zwangerschapstermijn en een bedenktijd.
Na een intense politieke strijd is deze gedachtegang uiteindelijk ook neergelegd in de abortuswet van 1984. Daarmee leek tevens de strijd beslecht tussen zogenaamde voor- en tegenstanders van abortus. Dat was echter meer schijn dan werkelijkheid, want over zo’n kwestie is onmogelijk een bevredigende regeling te treffen. Er zullen altijd mensen zijn die de belangen van het ongeboren leven zwaarder zullen wegen dan die van de in nood verkerende vrouw, en omgekeerd. Waar het om draait is dat we er als gemeenschap welbewust voor gekozen hebben de vrouw het laatste woord te geven.
Dat ontslaat de gemeenschap niet van de plicht ervoor te zorgen dat de vrouw bij het nemen van deze ingrijpende beslissing zo goed mogelijk wordt voorgelicht en bovendien aanspraak moet kunnen maken op hulpverlening. Het is een goede zaak dat het kabinet deze twee punten in het regeerakkoord nadrukkelijk heeft onderstreept. Tegelijk dient zich daarmee een nieuw probleem aan, namelijk: wat is goede voorlichting en hulpverlening? Om slechts één voorbeeld te noemen: moet een vereniging als de VBOK (Vereniging tot bescherming van het ongeboren kind) nadrukkelijk onder de aandacht worden gebracht in de besluitvormende gesprekken omtrent een ongewenste zwangerschap (zie Trouw van dinsdag)?
Vooropgesteld, VBOK is geen activistische organisatie die geen middel onbenut laat om de bestaande abortuswet onderuit te halen. Zij komt echter wel op voor het erkennen van het leven van het ongeboren kind. Dat is haar goed recht en het is zelfs belangrijk dat zo’n organisatie bestaat. Het is echter een brug te ver de VBOK in de eerste gesprekken tussen arts en vrouw een rol te laten spelen. Haar voorlichting kan onmogelijk neutraal zijn, beter is het dat gesprek aan de arts en de vrouw over te laten. Daarentegen is het een goede zaak dat de VBOK mee mag praten over de ontwikkeling van een nieuwe abortusrichtlijn. Dat draagt bij aan het vinden van het juiste evenwicht.
Bron/lees verder:
Trouw