Pater Karel Houben
Pater Karel (Joannes Andreas Houben) werd in het Limburgse Munstergeleen geboren op 11 december 1821. Hij trad als pater Karel van Sint Andries in bij de passionisten in Ere (België) en werd in 1850 tot priester gewijd. Hij wordt naar het klooster van Mount Argus bij Dublin uitgestuurd en wordt er vermaard door zijn genezingskracht. In Dublin komt hij, op 5 januari 1893, te overlijden.
Pater Karel werd zalig verklaard op 16 oktober 1988. Zijn feestdag is 5 januari. Zijn heiligverklaring is op 3 juni 2007 gepland. Houben zou na zijn dood twee wonderen hebben verricht door doodzieke mensen te hebben genezen. De eerste genezing was in 1952. Een vrouw uit Valkenburg genas van darmkanker nadat ze zich tot Houben wendde. De tweede genezing gebeurde in 1999. Dolf Dormans uit Munstergeleen hoorde van artsen dat hij nog slechts enkele uren te leven had na een gesprongen blindedarm. Na een gebed tot pater Houben herstelde Dormans. De medische commissie van Rome onderzocht de genezing van Dormans en concludeerde dat het om een wonder ging. Dit was aanleiding om het proces tot heiligverklaring in gang te zetten.
Pater Karel kreeg de bijnaam 'de man met de zegenende handen'. Tijdens zijn leven werd hij reeds als een heilige beschouwd. Na zijn dood bleven gelovigen zijn graf bezoeken.
Ook zijn geboortehuis te Munstergeleen werd een pelgrimsoord. In 1935 stichtten de passionisten in het geboortehuis een gedachteniskapel, die hoe langer hoe meer pelgrims trok. In de jaren negentig van de 20e eeuw nam het aantal bedevaartgangers - uit Limburg en de rest van Nederland - dat het geboortehuis bezoekt nog steeds toe. De bedevaardgangers komen hoofdzakelijk uit Zuid-Limburg, de rest van Nederland en het Duitse en Belgische grensgebied.
Bron: Meertens Instituut/Isidorusweb