In de stad van koning David
Solo:
In de stad van Koning David
in het veld van Bethlehem,
voegde zich bij herderszangen
ook een klare eng'lenstem:
"Weest verheugd: de Zoon van God
werd geboren in deez' grot."
Koor:
Ja, Gods Zoon en Heer van alles
nam Zijn intrek in een stal:
Tussen os en ezel ligt nu
die regeerde het heelal,
God-met-ons, Emmanuël!
Zingt Zijn lof bij snarenspel!
Allen:
Zie, Zijn moeder heeft als wiegje
daar een kribbe neergezet,
want van huis tot huis verdreven
vond zij onderdak noch bed.
Herders, zoekt geen koningskroon:
Zie op stro ligt Davids zoon.
Allen:
Wie in deemoed als de herders
klaarheid zoekt, ook waarheid vindt.
Wie zijn hart in eenvoud opent
kan geloven in dit Kind,
en aan allen schenkt dit Wicht
leven, vreugde, liefde en licht.
Allen:
Toen in Koning Davids stede
eens de ster bleef stille staan,
ving een tijd van liefd' en vrede,
ving het rijk van Jezus aan.
Kind'ren knielt nu allen neer
schenkt uw gaven aan de Heer.